home  

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


neogotiek, neo-gotiek

 

Neo-Gotiek (1740-1880)

Eigenlijk "Neo-Gotiek". Met deze architectuurstijl (bouwstijl) wilde men de middeleeuwse gotische bouwkunst doen herleven, als reactie op het strakke, koele neo-classicisme
Er zijn twee fasen te onderscheiden: 
- Sinds ca. 1740 als begeleidend verschijnsel van de romantische beweging, met name in Engeland. 
- Begin 19e eeuw voortkomende uit de liefde voor het (door het middeleeuwse gildenwezen bevorderde) ambacht, echtheid van materiaal en de eerlijkheid in constructie. In Nederland zijn vooral de neogotische katholieke kerken bekend, die in de tweede helft van de 19e eeuw na het herstel van de bisschoppelijke hiŽrarchie zijn gebouwd. Bekende architecten die bouwden in de neogotische stijl zijn P.J.H. Cuypers en A. Tepe. Praktisch, maar vooral theoretisch werd de Neo-Gotiek bestudeerd en gepropageerd door de Franse architect E. Viollet le-Duc. 
Vooral in de 19e eeuw zijn er veel mengvormen geweest met andere bouwstijlen.

Kenmerken Neo-Gotiek (vaak niet alle kenmerken van de Gotiek aanwezig in de Neo-Gotiek en vooral in de latere tijd ook vermenging met bijvoorbeeld Jugendstil)
- omhoog strevend
- rondbogen, spitsbogen
- pinakels 
- hogels, kruisbloemen
- nissen 
- steunberen
- (natuur)stenen harnassen 
- opengewerkte balustraden e.d.
- in Nederland een wat sobere vorm van de kenmerken


Zowel de architectonische als de handwerksproducten van de Neo-Gotiek zijn lange tijd als artistiek onbelangrijk beschouwd. In de tweede helft van de 20e eeuw kwam het besef dat zij wel degelijk esthetische waarde kunnen bezitten... Dit kwam o.m. tot uiting door het feit dat in 1974 een aantal neogotische kerken op de monumentenlijst werd geplaatst.


bekendste voorbeeld van de neo-gotiek, de votivkirche in wenen, bouw start 1856 en inwijding 1879; arch. heinrich von ferstel (foto rond 1900):


en een wat eenvoudiger voorbeeld:


en een nog eenvoudiger voorbeeld (nederlands):


Voorbeelden van Neo-Gotiek.

Eng. neogothic, neo-Gothic, gothic revival;
Du. Neugotik, Neogotik