home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


molen

 

molen

1. Een molen is een gebouw met een as die een draaiende beweging maakt waardoor, rechtstreeks of indirect, bijvoorbeeld iets wordt gemalen (korenmolen), wordt geperst (oliemolen), water omhoog wordt gebracht (poldermolen, boezemmolen), hout wordt gezaagd (houtmolen), elektrische energie wordt opgewekt (windmolen, watermolen).

Molens kunnen worden ingedeeld:
- naar functie, bijvoorbeeld korenmolen (graanmolen; malen van koren), poldermolen/boezemmolen (droogmakerij, water oppompen, molengang e.d.), industriemolen (olie-, verf-, zaag-, papiermolens e.d.), windmolen (t.b.v. windenergie, groene stroom)
- naar aandrijving, bijvoorbeeld wieken (wind vangen, windmolen), raderen (water doet een rad draaien, watermolen), in het verleden spierkracht van dieren (rosmolen met as verticaal, tredmolen met as horizontaal)
- naar gebouwtype, bijvoorbeeld beltmolen, binnenkruier, buitenkruier, bovenkruier, paltrokmolen, standerdmolen, stellingmolen, wipmolen en watermolen.

De meest voorkomende molen is een windmolen, aangedreven door de wind. Om meer wind te vangen, kunnen we bij traditionele molens:
- de wieken "op de wind zetten" (dit heet kruien)
- de wieken voorzien van zeilen.

Kleine windmolentjes voor bemaling van een weiland of rietland zijn o.m.:
- de tjaskermolen
- de bosmanmolen.

Bij de grotere windmolens zijn o.m. te onderscheiden:
- de paltrokmolen: de enige molen die in zijn geheel draait
- de wipmolen en de standerdmolen: het hele molenhuis draait bij het kruien
- de bovenkruier: de kap met het wiekenkruis draait bij het kruien
- de binnenkruier: de krui-inrichting bevindt zich in de kap
- de buitenkruier of grondzeiler: door de staartconstructie kun je vanaf de grond de kap met wieken kruien
- de stellingmolen: een buitenkruier op een forse onderbouw (gekruid wordt vanaf een stelling aantal meters boven de grond)
- de beltmolen: buitenkruier/grondzeiler op een kunstmatig heuveltje ("belt")
- de moderne windmolen om elektriciteit op te wekken: alleen de kap draait, automatisch.

Bij een molengang werken de molens samen om de polder droog te malen of droog te houden, waarbij soms de eerste molen het water opstuwt naar de volgende molen enz. als de polder zeer laag ligt. Het aantal molens in een molengang is afhankelijk van de hoogte die het water moet overbruggen; meestal zijn het tweegangen, drieganegn of viergangen. 

Voor een duidelijke omschrijving van onderstaande grotere molens én de foto's daarvan: 
het artikel over molens "Ontdek Nederland Molenland"
van Anne de Jong (tekst) en Vereniging De Hollandsche Molen (foto's) in Herenhuis magazine juli 2020.

 
paltrokmolen:
 
binnenkruier:
 
buitenkruier:
 
standerdmolen:
 
stellingmolen:
 
beltmolen:
 
stellingmolen:

wipmolen:
 
watermolen:
 
paaltjasker:

bokjasker:
 
bosman-molen:

molengang in een waterrijk polderland 
(de hollandsche molen):


Met dank aan Herenhuis magazine en Vereniging De Hollandsche Molen.

Voor allerlei gegevens over specifieke molens, zie ook Molendatabase en Allemolens.

Zie ook baard, duisplank, hondsoor, legering, roede, schoor, staartbalk, windenergie, venturi-windmolen, zoomlat.

Eng. mill, windmill, watermill


2. Een molen is een apparaat dat maalt, d.w.z. door een draaiende beweging iets plet, kleiner maakt, mengt of juist scheidt, of iets omhoog haalt, bijvoorbeeld koffiemolen (bonen tot gruis), betonmolen (mengen cement, zand, water e.d.), karnmolen (scheiden melk in boter e.d.), pelletmolen (fabriceren pellets), tonmolen (schroefvijzel, opvijzelen water), emmerbaggermolen (opscheppen bagger en deponeren in boot), trasmolen (van tufsteen tot tras).

Eng. (afhankelijk van de toepassing) grinder, mixer, mill