home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


textuur, oppervlakte-structuur

 

textuur

1. De textuur is de waarneembare, vaak "natuurlijke" oppervlaktestructuur van een materiaal, bijvoorbeeld bij metselwerk de oneffenheden van de baksteen en het voegwerk, de ribbels in het strandzand, het grind ingegoten in een gewassen grindtegel, de nerven en noesten in hout, de structuur van boomschors, de regelmaat van een geweven rietmat.

Voor de gevoelswaarde van het materiaal en de indruk op degene die het materiaal aanraakt, wordt de term tactiliteit gebruikt.

Voor fraaie "texturen"die als voorbeeld zouden kunnen dienen (Mars-opnamen; met dank aan de Geologische Vereniging). 


een aantal voorbeelden van textuur; klik op de afbeeldingen voor groter!
 


Foto's o.m. Peter Lembrechts, Klaas Schaafsma Sierpleister, ClaudeCF, Bby, Doelbeelden, Martijn Lammerts, FreePictures, PhotoshopTextures, DarkNews, Eugene Zhukovsky, Cement en Beton, Piet Schellekens' Bomen en de vormkracht van water (Natuurwerken), Structuurmatten voor beton (Loopvlakstructuren van Campañero).

De term textuur is waarschijnlijk ontleend zowel via het Franse texture (structuur, constructie; eerder al "het weven, structuur van het gewevene"), als rechtstreeks aan het Latijnse textura (structuur, web), een afleiding van textus (structuur, het geconstrueerde; weefsel), dat zelf een afleiding is van het Latijnse werkwoord texere (weven, vlechten); bron Etymologiebank.

Zie ook bijvoorbeeld schoon beton, ritmiek, tactiliteit.
Eng. texture


2. Textuur is de manier waarop een materiaal is opgebouwd, de ruimtelijke indeling, de structuur, het al dan niet chaotische patroon. Voorbeeld: de onderlinge rangschikking van mineralen in een gesteente e.d. (losse foto onder).
De bodemtextuur geeft de grootte van de partikels weer, bijvoorbeeld zand bestaat uit grotere delen dan klei, zie korrelgrootte.


textuur, gesteente (isle of anglesey):