home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


spreidsel, dun kwartiers gezaagd eikenhout

 

spreidsel

Spreidsel is de benaming voor dun kwartiers gezaagd eikenhout dat gebruikt wordt om bij een houten vloer onder de vloerdelen te leggen zodat die vloerdelen in de kamer eronder aan het zicht worden onttrokken en het doorvallen van stof en zand door de kieren tussen de vloerdelen wordt vermeden. Het spreidsel wordt plat tussen de balken (kinderbinten) gelegd; de dikte van het spreidsel is enkele mm (dikte 3-8 mm).
Spreidsel werd meestal alleen op de begane grond toegepast.

Vaak is de lengte van het spreidsel kleiner dan de lengte van het balkvak, waardoor meer spreidsels per vak tussen twee balken moeten worden gebruikt. 
Om de naden tussen de spreidsels te dichten werden spreidsellatjes gebruikt. In een enkel geval werden spreidsellatjes uit esthetisch oogpunt aangebracht (gebruik van spreidsellatjes terwijl er geen naad was om te bedekken, bijvoorbeeld om eenheid in het uiterlijk te krijgen). 
De plankjes die bij gebruik van een houten vloer en moerbalken en kinderbinten verticaal tussen moerbalk, vloerdelen en spreidsel werden gezet, worden kopschotjes genoemd.

Door de manier van zagen heeft het spreidsel vaak fraaie spiegels en mergstralen; de evenwijdige lijnen zijn de jaarringen van het hout.

Sommigen vinden het spreidsel wat overdreven ("houterig vertoon"), maar ten gunste van het spreidsel spreken onmiskenbaar: 
- kieren tussen vloerdelen zijn niet meer zichtbaar
- er komt geen stof vanuit het plafond naar beneden
- geluidshinder tussen de verdiepingen wordt iets minder.

Opmerking:
- De naden tussen de planken werden ook wel dichtgezet met vilt of papier. Zo werden de geuren van de ruimte eronder (de  keuken) tegengehouden en werd het stof tegengehouden dat naar beneden zou kunnen vallen.


A is kinderbint, B is spreidsel, C is spreidsellatje (hier uitzonderlijk hoog); de bruine balken zijn van recenter datum (erfgoed 's-hertogenbosch):


Met dank aan Bouwkundige termen van Haslinghuis en Janse, "Inleiding in de Bouwhistorie" van Ronald Stenvert en Gabri van Tussenbroek (Uitgever Matrijs) en Erfgoed 's-Hertogenbosch. 

Zie ook hout-allerlei.