![]() |
![]() |
![]() |
Een variant op het telmerk is het vlotmerk: een
merkteken dat in het hout
werd gekrast terwijl het hout nog in het water lag (samengebracht tot een vlot).
Het vlotmerk geeft de eigenaar aan van het hout.
Een aantal houten balken werden met een balkje aan elkaar verbonden tot een vlot door in elke
balk en het dwarsbalkje een houten plug te slaan, de vlotplug. "Vlotpluggen
werden aangebracht om hout in vlotten samen te binden en te vervoeren. Voor deze verbindingen nam men meestal jonge
naaldboomtakken, die men kookte en aansluitend op een stang draaide. Hierdoor werd de houtstructuur opgerekt en vervolgens
werden de tenen in elkaar gedraaid. Dit verklaart, waarom meestal meerdere twijgen bij
elkaar worden aangetroffen. De twijgen werden in het gat gestoken en vervolgens sloeg
men een stuk recht gekapt hout in het gat, om de wilgentenen of het touw vast te
klemmen. De verbinding kreeg extra stevigheid, doordat het vlot in het water lag en de
plug iets uitzette."
De vlotplug is soms nog in de oude balk te herkennen
(als een soort deuvel;
soms is alleen nog een vlotgat aanwezig als de plug er uit is).
Een balkengat of balkgat is een gegraven poel waarin boomstammen werden
gewaterd en bewaard voordat ze gebruikt worden in de houtzagerij (ook wel plankensloot of planksloot genoemd, waarschijnlijk vooral in
Noord-Nederland).
vlotpluggen; "wijze waarop wilgentenen en spie in het hout werden aangbracht" (oospronkelijke tekening dik de roon, uit historisch hout in amsterdamse monumenten, bma amsterdam) ![]() |
vlot met vlotpluggen (houtjes die dwarsbalkje met balken verbindt; dat wat op touw lijkt, zijn waarschijnlijk twijgen, wilgentenen): ![]() |
Verg. balkengat bij balkluik.