slobgat, sleufgat

Ook: treksleuf. Een slobgat of sleufgat is een gat dat meer of minder ovaal is i.p.v. rond, zodat de bout of schroef die er door gaat wat heen en weer bewegen ("slobberen"). Dit "heen en weer bewegen" kan nodig zijn om bij de montage kleine afwijkingen te corrigeren of om de verschillende delen die door de bout of  schroef aan elkaar worden bevestigd in de loop der tijd te laten werken (de sleuf maakt het mogelijk de verschillende delen aan elkaar te trekken). 
Niet alleen bij kleine objecten worden slobgaten toegepast, ook bij bijvoorbeeld grote betonelementen die ten opzichte van elkaar enigszins mogen bewegen, maar toch aan elkaar bevestigd moeten zijn. 

In combinatie met slobgaten kunnen glijplaten (glijfolie, glijoplegging) worden toegepast om de bewegende delen gemakkelijker ("gladder") ten opzichte van elkaar te laten bewegen.

Voor het stellen en verankeren van o.a. kozijnen en stijlen bij systeembouw worden hoekankers toegepast.


slobgaten voor bouten:


slobgat in een lan van een hooiberg om een spoor door te steken (het nederlands hooiberg museum):


De term slobberen betekent o.m. "(van kleren) te ruim zitten" (Van Dale).

Eng. slotted hole, elongated hole