home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


blokschaaf

 

blokschaaf

Ook: gerfschaaf, kortschaaf, handschaaf. De blokschaaf is het handgereedschap voor het glad schaven en op maat schaven van hout. De blokschaaf  is een korte schaaf, tot ca 30 cm, in vorm van een blok waarin een verstelbare beitel bevestigd zit, een vlakke zool en soms een hoorn. Door de schuine stand van de beitel wordt de houtkrul naar boven afgevoerd. De neus van sommige modellen is uitgesneden opdat de hand van de vakman niet op het bewerkte stuk zou wrijven. 

Men onderscheidt de ruwe blokschaaf voor het ruwere werk en de zoete blokschaaf voor het fijnere werk (de zoetschaaf) .
Een lange blokschaaf wordt reischaaf genoemd.


twee soorten blokschaven (museum voor de oudere technieken):


Voor interessante gegevens over de schaaf (pdf van De Schrijn, Werkplaats voor hout en ambacht).

Het woord schaven is ontleend aan het Protogermaanse skaban (krabben, wrijven); bron Etymologiebank.

Eng. block plane