home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


riool

 

riool

Een riool is een meestal ondergronds kanaal of buizenstelsel waarmee vuil water en hemelwater wordt ingezameld en getransporteerd (afgevoerd naar de waterzuivering). 
Het af te voeren water mag uitsluitend verontreinigd zijn met huishoudelijk "afval", dat afkomstig is van:
- (menselijke) vaste ontlasting en urine, en ook wc-papier (en een enkel speciaal vochtig doekje)
- afvalwater van huishoudelijk gebruik, bijvoorbeeld afkomstig van een lozingstoestel zoals water van douche, bad, wasmachine, vaatwasser, afwassen, spoelwater uit bijvoorbeeld de keuken (kookwater, handen wassen enz.), overloop van cv-ketel e.d., afvalwater van bijvoorbeeld auto wassen
- afvalwater van bedrijven (mits te beschouwen als huishoudelijk afval)
- afvoer van water van (bron)bemaling
- hemelwater (regen e.d.; neerslag wordt samen met het verontreinigde drinkwater afgevoerd of via een apart buizenstelsel).

De term riolering geeft een samenstel van riolen aan, de gehele infrastructuur van riolen en de zuivering van dat rioolwater: "het totaal van buizen, putten, pompen en duikers dat nodig is om afvalwater naar een RioolWaterZuiveringsInrichting (RWZI) of AfvalWaterZuiveringsInstallatie te brengen".
In Nederland is ca. 130.000 km aan riolering aangelegd waarop vrijwel 100% van de woningen en bedrijven zijn aangesloten. 
Het gedeelte van de riolering in een woning of bedrijf is meestal van pvc; het hoofdriool bestaat meestal uit betonnen buizen of gresbuizen.

Er zijn twee manieren waarop het afvalwater van de riolen wordt afgevoerd:
- Via vrije val. Er is een klein afschot waardoor het rioolwater naar het laagste punt stroomt. Na een bepaalde afstand wordt het rioolwater via een pomp naar de zuiveringsinstallatie gebracht. Vrijeval riolering wordt toegepast wanneer het terrein vrij gelijkmatig is (niet te geaccidenteerd) en er bij voorkeur veel woningen in een klein gebied staan zodat er een goede doorstroming is in het immers bijna-horizontale hoofdriool. Ongeveer driekwart van alle riool-kilometers in Nederland omvat vrijeval riolering.
- Via mechanische riolering. Het eerste, korte deel is vrije val, tot de pompput. Vanuit de pompput wordt alleen vuil afvalwater via een smalle buis onder druk afgevoerd naar de zuiveringsinstallatie.


rioolstelsels; vrijeval met gemengd of gescheiden stelsel, en mechanisch;
klik voor groter! (ons water):


Vrijeval riolering

Bij de vrijverval riolering zijn er twee basisprincipes:
- Via een gemengd rioolstelsel. Afvalwater én hemelwater zijn vanaf de woning al gemengd; bij langdurige hevige regenval zorgt een overstort ervoor dat een teveel aan afvalwater ongezuiverd in het oppervlaktewater wordt geloosd (oppervlaktewater is rivieren, meren, sloten, vijvers, singels, grachten e.d.).
- Via een gescheiden rioolstelsel. Afvalwater en hemelwater zijn vanaf de woning of vanaf straat niveau gescheiden zodat betrekkelijk schoon hemelwater bij langdurige hevige regenval in het oppervlaktewater geloosd kan worden en geen verontreiniging geeft.


gemengd rioolstelsel met benamingen
; klik voor groter! (gemeente molenwaard):


gescheiden rioolstelsel met benamingen; klik voor groter! (gemeente molenwaard):



Een aantal begrippen bij vrijeval riolering (met dank aan de gemeente Molenwaard):
- Huisaansluiting. Het vrijeval riool begint eigenlijk bij de huisaansluiting, de leiding tussen de woning of het bedrijf en het gemeentelijk hoofdriool.
- Gemeentelijk hoofdriool: het gedeelte van de riolering dat bij de gemeente in eigendom en beheer is, voor inzameling en transport van afvalwater.
- Ontstoppingsstuk: het punt, gelegen op of binnen 0,5 meter afstand van de eigendomsgrens, waar het particuliere deel van de huisaansluiting overgaat naar het gemeentelijk deel van de huisaansluiting. Vanuit dit punt kan eventueel een verstopping van de huisaansluiting worden verholpen. Niet altijd is een ontstoppingsstuk aanwezig.
- Particulier deel huisaansluiting: de binnen de kadastrale eigendomsgrenzen van het perceel gelegen binnen- en buitenriolering tot aan het ontstoppingsstuk of, als deze niet aanwezig is, de erfgrens.
- Gemeentelijk deel huisaansluiting: het riool en de voorzieningen die deel uitmaken van dit riool, tussen het gemeentelijk hoofdriool en het ontstoppingsstuk of de erfgrens, in beheer bij de gemeente.

Mechanische riolering

Een aantal begrippen bij vrijeval riolering (met dank aan de gemeente Molenwaard):
- Drukriool. Het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater (zonder hemelwater) via pompputten en persleidingen (drukleidingen).
- Vacuümriool. Het openbaar riool voor de afvoer van afvalwater (zonder hemelwater) via bufferputten en vacuümleidingen.
- Strijkriool. Het openbare vrijvervalriool (verzamelleiding) voor de afvoer van afvalwater (zonder hemelwater) gelegen tussen een pomp- of bufferput en het particuliere deel van de huisaansluiting. Deze ligt meestal in particuliere grond.
- Particulier deel huisaansluiting. De binnen de kadastrale eigendomsgrenzen van het perceel gelegen binnen- en buitenriolering tot aan de pompput, bufferput of strijkriool.
- Gemeentelijk deel huisaansluiting. Bij mechanische riolering is dit niet aanwezig.

Opmerkingen en aandachtspunten

- Om verstoppen (dichtslibben) van het riool te vermijden én om het rioolwater goed te kunnen zuiveren is het belangrijk dat het niet "verontreinigd" wordt met bijvoorbeeld: keukenpapier, papieren zakdoekjes, natte doekjes (baby's billendoekjes), maandverband, tampons, olie, frituurvet, medicijnen e.d. Wanneer vetten en oliën niet gerecycled worden, kunnen ze via het restafval in de afvalverwerkingscentrale verbrand worden en energie leveren. 
Zie ook Wat mag niet in het riool en waarom.
- Om verstoppen van het riool te vermijden geldt ook:
. het eerste deel van de afvoerleiding moet voorzien zijn van een afvoerputje, schrobputje of roostertje dat de meeste grotere voorwerpen tegenhoudt
. de leidingen (van bijvoorbeeld toilet naar eigen deel rioolbuis en van gebouw naar hoofdriool) moeten van dun naar dik te lopen (tegen verstoppingen, maar ook omdat er op die manier steeds meer afvalwater toegevoerd kan worden)
. een vetvangputje of bezinkputje in een vloer indien de mogelijkheid bestaat dat er vet e.d. in de afvoer komt (in ieder geval bij restaurants e.d.); zo'n putje wordt soms wolfskuil of wolfskuiltje genoemd 
- Bij een streng gescheiden rioolstelsel kan zich afval ophopen in de rioolbuis omdat er geen hemelwater is om de buizen af en toe door te spoelen.
- Om wateroverlast te vermijden bij bijvoorbeeld hevige regenval zijn of worden verschillende oplossingen mogelijk:
. afkoppelen hemelwater van het rioolstelsel (gescheiden rioolsysteem; het water van daken en straten stroomt naar vijvers, singels, sloten o.d. zodat het rioolstelsel met afvalwater niet overbelast wordt)
. preventief onderhoud door regelmatige reiniging van het gemeentelijke rioolstelsel (de straatkolken en eventueel ook de buizen zelf), zodat er minder snel verstoppingen zijn.
. aanleggen van bergbezinkbassins, een soort grote ondergrondse waterkelders om grote hoeveelheden regenwater tijdelijk te bergen, het vuil te laten bezinken en het teveel aan (nu wat schoner) water naar oppervlaktewater of weer naar het rioolstelsel te voeren
. aanleggen noodbergingen in groene zones, bijvoorbeeld retentiegebieden (grootschalig) en wadi's en andere tijdelijke waterbergingen (kleinschalig, denk ook aan waterbergende straatstenen zoals bufferklinkers, maar ook bijvoorbeeld aan groene tuinen i.p.v. betontegels, groendaken, regentonnen e.d.), waarmee overlast in het bebouwde gebied voorkomen wordt.
- Bij de aansluiting tussen "binnenriolering" en "buitenriolering" dient een polderstuk (expansiestuk) te worden geplaatst dat ervoor zorgt dat er geen spanning op de leidingen komt en dat zo de zettingen of verschuivingen van de grond worden opgevangen.
- Door hevige regenval kan het riool wel eens vollopen, meestal in combinatie met verstoppingen of te smalle leidingen. Deze overbelasting kan ervoor zorgen dat de noodafvoer van een gebouw wordt gebruikt, waardoor het water van het dak of de dakgoot rechtstreeks wordt gespuid (zie noodafvoer).
- Verouderde of defecte rioolbuizen kunnen vaak hersteld worden door een soort kous tegen de binnenwand aan te brengen (zie rioolrenovatie).
- Om rioollucht binnenshuis te vermijden worden afvoerbuizen voorzien van sifons (zwanenhalzen) en beluchters. De beluchter voorkomt dat de sifons worden leeggezogen bij bijvoorbeeld het doortrekken van een wc. (Gebruik bij afvoeren geen ontluchter omdat dan de stank juist het huis in komt.)
- Het verhang van een afvoerleiding of een rioolstelsel is een relatief hoogteverschil, uitgedrukt in een percentage of in mm per m (0,5% is gelijk aan 5 mm/m).
- Door "lekkage" van rioolbuizen kan in bepaalde gevallen grondwater in het riool komen, waardoor de houten palen van een fundering kunnen droogvallen en gaan rotten, met forse verzakkingen en funderingsschade tot gevolg.
- Een alternatief voor een riool kan IBA zijn, een Individuele Behandeling Afvalwater, bijvoorbeeld met een septictank (zuivering of voor-zuivering) en helofytenfilter (moerasfilter, na-zuivering), waarna geloosd kan worden op het oppervlaktewater. Een ander alternatief, meestal voor bedrijven, is zelf het water te zuiveren; soms is het afvalwater te vuil om direct op het riool af te voeren en wordt het door het bedrijf zelf voorgezuiverd.
- Een alternatief voor het lozen van hemelwater, is dit op te vangen en te hergebruiken, bijvoorbeeld voor de tuin of voor toiletten o.d. (dan is wel een apart aanvoersysteem noodzakelijk voor dit water, speraat van de drinkwaterleidingen, wat potentieel een risico is i.v.m. foutief aansluiten).
- In bepaalde gevallen kan de warmte van het rioolwater gebruikt worden om groene stroom op te wekken (zie riothermie). 
- Veiligheidsvoorschriften (S-zin) S 54, S 55, S 56 hebben te maken met afvoeren van bepaalde stoffen via het riool.
- De beerput was in vroegere tijden een kelder of verzamelput voor menselijke uitwerpselen en werd bijvoorbeeld achter de huizen aangelegd.
- In bijvoorbeeld Parijs wordt het "rioolstelsel" gebruikt om de straatgoten schoon te spoelen: uit een hoog gelegen straatkolk komt schoon water dat de straatranden schoonspoelt.

Documentatie

- Wat mag niet in het riool en waarom

De term riool (afvoerkanaal) is afkomstig van het Middelnederlandse riole (kanaal, gracht, uitwatering), ontleend aan het Middelfranse riol (voor, gemaakt door een ploeg) uit vulgair Latijn rica (voor, geul van de voor); bron Etymologiebank.

Met dank aan o.m. de gemeente Molenwaard en Lenntech.

Zie eventueel kolk, wadi, retentie, drainage, droogweerafvoer, grindkoffer, septictank, toilet.

Eng. sewer, sewer pipeline, outlet, waste pipe, drainage tube, drain, sewerage, drainage-canal, longitudinal culvert, gully, (discharge) culvert (mijnwoordenboek)