Elke
manier waarop beschutting tegen de zon wordt geboden.
Globaal
zijn er drie manieren om bij een gebouw de zon te weren: aan de
buitenzijde van het gebouw (de beste manier, de warmte blijft buiten),
aan de binnenzijde van het gebouw en "er tussenin".
Omdat er, mede door de vele "glazen" kantoorpanden, in de
zomer wellicht meer energie verbruikt wordt aan het opwekken van
koelte dan aan warmte in de winter, wordt er meer aandacht besteed aan
zonwering aan de buitenzijde van het gebouw. Daarom: "plan
zonwering al in bij het ontwerp".In de winter is het
uiteraard nuttig wanneer de zonnestralen binnen kunnen treden, dus een
variabele zonwering aan het gebouw is aan te bevelen.
De
foto
links bevat verschillende soorten buitenzonwering: houten rolgordijn,
uitvalscherm, leibomen en parasol. De foto rechts laat de ultieme zonwering zien.
Hieronder een aantal voorbeelden van zonweringen; hoewel voorzien van
nummers, is er niet een speciale volgorde.
Schoepenzonwering is vergelijkbaar met de buitenzonwering horizontale
lamellen.
Voordeel van zonwering aan de binnenzijde is dat er geen geklapper van schermen
en screens is (vaak mogen deze aan de buitenzijde niet worden gebruikt bij harde
storm). Verosol Plissé (zie
bij zonwering voorbeelden
Plissé) schijnt als binnenzonwering toch een goede isolatie te hebben wat wil
zeggen dat er een aardige temperatuurverlaging plaatsvindt.