home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

advertenties:


wand, muur

 

wand

Een wand is een afscheiding tussen ruimten in een gebouw. Meestal een niet te zware afscheiding tussen vertrekken. 
In vervlogen tijden hadden "woningen" geen wand, met uitzondering van de buitenwand. Later werden het meestal houten wanden. Als de wand van steen (natuursteen, metselwerk) of beton is, wordt zij muur genoemd. In het interieur geeft men echter ook de behangen, bespannen of betimmerde muur de naam wand.
Een wand of muur die voor beklimmen bestemd is, heet altijd wand (klimwand).
De bekendste muren zijn waarschijnlijk de Grote Muur in China en de Berlijnse muur.




De term wand brengt men in verband met het Gotische wandus (roede, tak), omdat de oudste muren van wilgentenen gevlochten, gewonden werden; het woord is dan een verzamelnaam voor het wilgenvlechtwerk. Bij de term wand zou het ook gaan om een met leem bestreken vlechtwerk van twijgen, te onderscheiden van de (stenen) muur. (Het Gotisch wordt als een dochtertaal van het Protogermaans beschouwd; wandus of vandus is dan afkomstig van het Protogermaanse wandu, dat twijg betekent.) Bron Etymologiebank.

Foto's o.m. Klompenmuseum Eelde.

Eng. wall; (scheidingswand) partition wall, dividing wall; (van een tunnel) lining