Oorspronkelijk
was een villa een grootschalig landbouwbedrijf met een stenen hoofdgebouw of een buitenverblijf van een aanzienlijke
Romein.
Thans is villa de aanduiding voor een vrijstaande, aanzienlijke woning.
De stadsvilla is ontwikkeld in de tweede helft van de 19e eeuw toen
het voor een grotere groep stedelingen financieel mogelijk werd huizen
te laten bouwen te midden van veel groen. De inspiratiebron voor deze
villa was de middeleeuwse bouwtraditie van vakwerkhuizen. De nadruk
lag op een onregelmatig gevormde dakpartij en een asymmetrische
gevelopbouw. Karakteristiek zijn het siermetselwerk, de houten topgeveldecoratie,
de gedeeltelijke bepleistering van de gevels of het siermetselwerk in
gekleurde baksteen of natuursteen op constructieve punten.