home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


taigh dubh, tigh dubh, blackhouse, zwarthuis

 

taigh dubh

Vaak: tigh dubh; ook: taighean dubha, blackhouse, zwarthuis. Uitspraak ongeveer "taj doeb" (een a die tussen de a en de aa in zit; een lange oe-klank en een nauwelijks hoorbare b).
Taigh
dubh is de Scottish Gaelic naam voor zwarthuis (taigh is his, dubh is zwart) van een traditioneel, klein langhuis op de Western Islands (Hebriden, Schotland) en de Schotse Hooglanden, met de volgende kenmerken:
- oorspronkelijk is de taigh dubh bestemd om de boerenfamilie en een kleine kudde te herbergen; de mensen leefden in de ene kant van het huis en de dieren aan de andere kant (de stal), meestal gescheiden door een houten wand
- muren van brokken natuursteen, koud op elkaar gelegd (in het Engels wordt een muur met stenen of blokken zonder specie of lijm een dry wall genoemd, of dry stone wall als hij van natuursteen is zoals bij een taigh dubh)
- de muren zijn oorspronkelijk "dubbelsteens" (twee muren van brokken natuursteen met een tussenruimte die opgevuld werd met puin en zand); deze muren boden een goede isolatie en het huis was goed bestand tegen de harde wind en de vele regens in deze streek; later werden het enkelsteens muren
- in de dubbelsteens muren kunnen aan de binnenzijde nissen uitgespaard zijn die als opbergplaats worden gebruikt
- de muren worden naar boven toe smaller
- de hoogte van de muren is ca. 1,20-1,50 m
- de kap heeft een eenvoudige houten gebintconstructie, vaak van drijfhout (aangespoeld hout)
- een rieten dak (of van roggehalmen o.d.)
- het rieten dak wordt "vastgehouden" door er een netwerk van touwen, verzwaard met brokken natuursteen (oorspronkelijk kunnen het aangespoelde vissersnetten zijn geweest)
- zowel de kopmuren als het dak zijn afgerond, waarschijnlijk om minder last te hebben van de harde winden; andere redenen kunnen zijn omdat het gemakkelijker te bouwen is en omdat een volksgeloof vermeldt dat de duivel zich niet bij ronde hoeken kan verbergen; toch zijn er ook veel zwarthuizen met rechte hoeken waarbij de dakvorm wel afgerond is
- vaak is er een soort brede richel aan de bovenkant van de muren, vaak bedekt met plaggen (graszoden)
- de vloer is oorspronkelijk van aangestampte aarde, later meestal voorzien van platte stenen (flag stones)
- er is meestal één deur, in het midden van de lange muur; soms zijn er twee deuren (in dat geval is er waarschijnlijk een afscheiding tussen de woonkamer en de stal en hebben beide een eigen toegang)
- oorspronkelijk zijn er vensters in het rieten dak; tegenwoordig zijn die bijna altijd in de muren (niet in het dak)
- als het (nog) een boerderij is, dan bevindt zich aan de ene zijde van de deur de woonkamer en aan de andere zijde de stal
- meestal zijn er bedsteden die door gordijnen van de ruimte worden afgescheiden; soms zijn er aparte slaapkamers
- oorspronkelijk was er één centraal gelegen vuurhaard, waarbij de rook verdween door de naden van het rieten dak
- tegenwoordig is de taigh dubh meestal voorzien van één of twee schoorstenen aan de korte muren; die schoorstenen zijn wel passend in de stijl van de taigh dubh maar helaas hebben de korte muren in die gevallen vaak een puntgevel waardoor toch een belangrijk kenmerk van de taigh dubh verloren gaat; als er twee schoorstenen zijn, dan bevat de taigh dubh waarschijnlijk een aangebouwde stal of er is geen stal; bij nieuwbouw worden ook andere bouwregels gevolgd (de schoorsteenuitloop moet ca. 60 cm uitsteken boven het rietdak, elektriciteit, stromend water e.d.).

In Garenin (Na Gearrannan) op het eiland Lewis (Leòdhas) in Schotland is nog een heel dorpje met taigh dubh. Sinds 1989 houdt The Garenin Trust (Urras nan Gearrannan) zich intensief bezig met het restaureren van de vervallen gebouwen zodat toeristen, ook die comfort eisen, ze kunnen huren.

De term taigh dubh (blackhouse) dateert vermoedelijk van de tweede helft van de 19e eeuw, nadat de nieuwe huizen met natuurstenen muren voorzien werden van een kalklaag en dus wit werden (wit huis, in Gaelic taigh geal; taigh is huis, geal is wit, helder). De oudere huizen zouden daarom taigh dubh (zwarthuis) genoemd worden. Een andere, minder waarschijnlijke verklaring is dat de naam afkomstig is van de zwarte roet van de turf die in het haardvuur werd verbrand.


klik op de afbeeldingen voor groter

taigh dubh, met muren in rechte hoeken (photoeverywhere):


detail van een taigh dubh in arnol op lewis (youtube-filmpje):


taighen dubh, met muren met ronde hoeken en schoorstenen (copyright morris mciver):


taigh dubh, met een extra schuur in dezelfde bouwwijze, met schoorstenen in de korte muur en daardoor een puntgevel (scottish island holidays gearrennan):


globale indeling van een traditionele taigh dubh (dry stone walling sean adcock):


taigh dubh om te huren:


taigh dubh, met schoorstenen in de korte muur en daardoor een puntgevel (scottish island holidays gearrennan):


Documentatie (sites e.d.)
- Blackhouse bij Dry Stone Walling

- Gearrannan Blackhouses (Undiscovered Scotland)

- Youtube-filmpje van een taigh dubh (gesproken in Gaelic): deel 1 en deel 2.

Het meervoud van taigh is taighean.

Met dank aan Borvemor cottages, Undiscovered Scotland, Dry Stone, Scottish Island Holidays Gearrannan, Photo Everywhere, New World Encyclopedia.

Verg. oer-bouwwijzen bij vernacular architecture zoals indlu, leem, leemsteen (adobe), mudhif, rotswoning, taigh dubh, tolek, trullo (bij pseudogewelf).
Verg. shou-sugi-ban (zwarthout).

Eng. blackhouse