Tijdens
de Eerste Wereldoorlog ontstond het kunstenaarsverbond De Stijl, met
Theo van Doesburg als bekendste oprichter. Doel was het vinden van
kunstvormen die men baseerde op eeuwig geldende en onveranderlijke
wetten in het heelal. In de alledaagse werkelijkheid kwamen die
universele waarden verwrongen terug. Taboe waren de toevallige
en onregelmatige vormen van de natuur. De Stijl was daarmee een
reactie op de Jugendstil.
De
Stijl is een kunst- en architectuurstroming die zicht kenmerkt door:
- een abstracte en geometrische vormgeving, dus rechte lijnen
en rechte hoeken - de structuur
van de materialen moest niet herkenbaar zijn (dematerialisering)
- het kleurgebruik bestaat uit de primaire kleuren, zwart, wit en
grijs.
De
groep architecten en kunstenaars waaronder Piet Mondriaan en Theo van
Doesburg brachten van 1917 tot en 1928 het tijdschrift De Stijl"
uit. Voor bijvoorbeeld Piet
Mondriaan was duidelijk dat de hogere werkelijkheid alleen te
verbeelden was in rechte lijnen en hoeken, de primaire kleuren geel,
rood en blauw en de niet-kleuren wit, grijs en zwart.
De architecten hadden het lastiger. Een gebouw had immers een
praktisch en dus aards karakter.
Het Rietveld-Schröderhuis in Utrecht
(1924) laat zien hoe
Gerrit Rietveld het probleem oploste. Hij ontkende als het ware de
individuele kenmerken van het baksteen,
staal, hout door het te
schilderen in de universele kleuren van De Stijl. De nadruk viel
daardoor op lijnen en scherpe platte vlakken.
De
filosofie dat kunst en leven één kunnen worden, staat centraal in
het programma van De Stijl. Van Doesburg was de initiator en promotor.
De architecten werden in de beginperiode vooral beïnvloed door het
werk van H.P. Berlage en F.L. Wright. Van Doesburg had al vroeg
contact met J. Wils en met J.J.P. Oud. Ook de architect C. van Eesteren
was een prominent lid van De Stijl.
Na
de Tweede Wereldoorlog vormde De Stijl een belangrijke inspiratiebron voor
diverse architecten.