1. Hard ijzer.
Staal is een bouwmetaal.
Staal was oorspronkelijk sterk verhit koolstofarm ijzer dat
plotseling in water gekoeld werd. Al langere tijd wordt al het ijzer
met een laag koolstofgehalte staal genoemd, ook als het niet gehard
is.
Het is belangrijk om staal te beschermen tegen corrosie door het af te schermen van de lucht. De dikte van de beschermlaag en de toepassing bepalen of de bescherming van korte dan wel meer van lange duur is.
Veelgebruikte tijdelijke beschermingsmethoden voor staal zijn zijn:
fosfateren en passiveren of het aanbrengen van een conserveringsolie.
Meer bestendige methodes zijn bv. coaten,
vertinnen of verzinken. Aluzink ALC
van Swedish Steel is met aluminium en
zink gecoat staalplaat.
De soorten staal die in de bouw gebruikt worden zijn bv. blank staal,
platen, buis, kokerprofielen, profielen, stafstaal, U-profielen,
RVS;
zie staal voor constructies bij:
- warmgewalst - koudgevormd.
Men neemt aan dat het woord staal nauw verwant is met het Germaanse stag, dat als grondbetekenis heeft
"dat wat stijf staat, strakgespannen is". Een van stag afgeleid
Protogermaans bijvoeglijk naamwoord is stahl(ij)a (standvastig,
sterk) dat zou zijn gesubstantiveerd om de onderhavige metaalvorm aan te duiden.
Bron Etymologiebank.
2.
Staal: zie fundering op
staal.
Eng. natural foundation, shallow foundation (strokenfundering is spread
footing foundation, doorgaande gewapend betonplaat is
slab-on-grade foundation)
3.
Ook: proefmonster. Een staal is ook een monster, dwz. een (klein) voorbeeld van
het origineel. Zo zijn er bv. stalenboeken met een aantal voorbeelden van
originelen van vloerbedekking, textiel, behangsels, gevelbepleistering enz.