home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


slopen, amoveren, ontmantelen, saneren, afbreken, demonteren, sloopwerk

 

slopen

Ook: amoveren, ontmantelen, saneren, afbreken, demonteren. Slopen is het afbreken van een bouwwerk of een gedeelte daarvan wanneer de constructieve, maatschappelijke of economische levensduur teneinde is. 

Er zijn verschillende methodes om te slopen, zoals: 
- machines zoals grijpers, knijpers of scharen (knabbelaars)
- kranen met een sloopkogel, sloopbal of slopersbal (een grote 400-1000 kg zware bal die door een machine tegen het te slopen gebouw wordt geslagen, het zgn. beulen, vaak met een trekdraad om meer de bal beter in controle te houden)
- hydraulische hamers
- opblazen en afbreken (wordt vaak niet toegestaan i.v.m. de gevolgen voor de omgeving). 

Wanneer een hoog gebouw moet worden gesloopt, gebeurt dat vaak met de sloopkogel, omdat kranen met knabbelaars een grote hoogte niet kunnen bereiken.
Bij sloopwerk wordt vaak een watersproeier toegepast om de gevolgen van het vrijkomende stof te verminderen.
De eerste foto links toont een weerbarstig kantoortje dat niet wil instorten terwijl het onderliggende gedeelte al gesloopt is (foto Niek Guis, door brand onbruikbaar geworden Bouwkundegebouw Delft).

De Gouden Slopersbal was (is?) een trofee voor een, volgens de organisatoren, onterecht sloopwerk, te vergelijken met de Vergulde Klisklezoor.


slopen,
sloopkogel, bouwkundegebouw delft; klik voor groter (foto niek guis, code):


slopen met een
grijper
; klik voor groter:


slopen met een
grijper, schaar of knabbelaar; klik voor groter:


slopen,
opblazen, toren emma mijn:


slopen van woningen (vestia):


slopen van een flatgebouw met een
hoogwerker (verhelst):


Sloopwerken link
.

Het woord slopen is al in het Middelnederlands bekend als "afbreken". Het woord is afkomstig van het Protogermaanse slaupijan, causatief bij sleupan (glijden; denk aan het woord "sluipen"). De betekenisontwikkeling voor het Nederlandse woord slopen is "doen schuiven, doen glijden" naar "loswikkelen, losschuiven" naar "uit elkaar halen, afbreken". Bron Etymologiebank.

Verg. gebruiksperiode, kaalslag, onderhoud.

Eng. to demolish, to knock down, to tear down; een pand slopen is to have a building demolished/pulled down