home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


minister

 

minister

"Een minister schijnt de benaming te zijn van de constructie in het midden van een rond plat dak van bijvoorbeeld een gashouder van een ouderwetse gasfabriek. De constructie lijkt op een ronde kooi opgehangen aan trekstangen om het middelste deel van het ronde platte dak te dragen. 
Het voordeel van deze constructie is dat geen centrale paal in het midden van de ruimte.



De etymologie van het woord minister in deze betekenis: minister betekent dienaar en een dienaar ondersteunt." 
Het woord minister is afkomstig van het Latijnse minor, minus (kleiner); bron Etymologiebank

Tekst en foto: Jeroen Bon.

Zie Youtube-filmpje (de minister is na 4:15 in het filmpje te zien).