home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


legering, metaalmengsel, goot achter schoorsteen, bintlaag bij molen

 

legering

1. Ook: metaalmengsel, alliage. Een legering (met de klemtoon op de tweede lettergreep) is een mengsel van metalen dat door smelten verkregen wordt. 
Bijvoorbeeld brons (koper en tin), titaanzink, messing (koper en zink), RVS en cortenstaal (ijzer, koper en andere elementen) zijn legeringen. Het goudkleurige metaal Nordic Gold (foto rechts) is een messinglegering die onder meer is opgebouwd uit 89% koper, 5% aluminium en 1% zink.

Superlegeringen
zijn legeringen op basis van nikkel, kobalt of ijzer en zijn te zien als zeer hoog gelegeerde soorten roestvast staal, waaraan vaak ook hardende elementen zijn toegevoegd, waardoor ze sterk, hittevast, corrosievast en kruipvast zijn.
In combinatie met aluminium (Al)  zijn koper (Cu), magnesium (Mg), mangaan (Mn), silicium (Si) en zink (Zn) belangrijke metalen om legeringen van te smelten met als doel de legering sterker, krasvaster, corrosievaster te maken, de elektrische geleiding te verbeteren, het resultaat beter te kunnen bewerken, de chemische bestendigheid te verbeteren e.d.

De term legering is ontleend aan het Duitse Legierung (metaalmengsel), een afleiding van legieren (een legering maken), ontleend aan het Italiaanse legare (id.), een specifieke betekenis bij legare (verbinden), dat ontwikkeld is uit het Latijnse ligare (samenbinden); bron Etymologiebank.

Eng. alloy


2. Een legering (met de klemtoon op de eerste lettergreep) heeft betrekking op de goot achter een schoorsteen in een met riet gedekt dak. Is het dak gedekt met pannen, leien of een metaal dan spreekt men niet van legering maar van zaling of zalinggoot


legering, loodslabbe achter schoorsteen of doorlopende muur;
klik voor groter (vakfederatie rietdekkers):


Denk bij de uitspraak van het trefwoord aan het leger van bijvoorbeeld een haas (slaapplaats, rustplaats). De term leger is, in deze betekenis, al vanaf het Middelnederlands bekend en afgeleid van het Protogermaanse legra-, een afleiding van de stam ligan (liggen); bron Etymologiebank.

Verg. loket.


3. Een legering is een bintlaag (verdieping) bij een veelhoekige molen. Ook hier ligt (vermoedelijk) de klemtoon op de eerste lettergreep.


voorbeeld van legeringen, de bintlagen bij een achtkanter;
klik voor groter (ranko veuger, vrijwillige molenaars):

 
Zie eventueel gebint.