Een
kruisgewelf is een gewelf dat bestaat uit twee gelijke en even hoge tongewelven, die elkaar
rechthoekig snijden, dit in tegenstelling tot een tongewelf
of gordelboog.
De eerste kerken hadden nog ton- en koepelgewelven (net als de Romeinen).
Kruisgewelven werden vaak toegepast als overspanning
van vierkante traveeën waarbij twee
tongewelven elkaar in een kruisvorm snijden. Al snel ging men kruisgewelven zoals
ribgewelven toepassen. Deze waren eerst vierdelig, maar tegen het einde
van de Romaanse periode maakte men ze zesdelig en werden ze verhoogd. Op
het hoogtepunt van deze stijl ging men het gebonden stelsel
toepassen.
Afbeeldingen
o.m. uit het boek De taal van de architectuur (Librero)
en Oneonta. Eng. cross vault, groined vault, groin vault, quadripartite vault;
zesdelig kruisgewelf is sexpartite vault