home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


Hallenhuis, authentieke Veluwse boerderij

 

hallenhuis , voorbeelden

Voorbeelden van hallenhuizen

1. Authentieke Veluwse boerderij aan de Dalenk te Loenen

Aan het fraaie kronkelige weggetje in Loenen dat leidt naar de Loenermark ligt verscholen tussen bomen en struikgewas in een dal, één van de oudste boerderijen van Loenen. Het is een boerderij uit de 18e en mogelijk zelfs de 17e eeuw en daarmee meer dan driehonderd jaar oud. Tevens is het een rijksmonument.

Van oudsher, tot 1808, behoorde de boerderij met schuur en 4,5 hectare grond toe aan de adellijke familie Van Lamsweerde uit Nijmegen. Vreemd daarbij is dat de boerderij geen naam heeft, althans geen die bekend is. Ondanks diverse naspeuringen, ook in oude aktes, valt een naam voor de boerderij niet te achterhalen. In de buurt komen wel andere oude benamingen voor van boerderijen zoals 'Sprengenoord', 'Dalhuizen' en 'Hazedood'.

Hallenhuis
De boerderij aan De Dalenk is een typisch voorbeeld van een Veluwse hallenhuisboerderij, een huis met een rechthoekige plattegrond, een bouwlaag en een zadeldak met zogenaamde wolfseinden boven de voor- en achtergevel. De naam 'hallenhuis' dankt de boerderij aan het feit dat het net als bij vele middeleeuwse kerken uit drie beuken bestaat: een hoge middenbeuk en aan weerszijden daarvan een lagere zijbeuk. De brede hoge middenbeuk wordt inwendig overspannen door een gebintconstructie met een zogenaamde ankerbalk. Boven de voormalige deel was deze anker- of gebintsbalk belegd met 'slieten' of schaaldelen waarop het hooi en het koren werden opgetast. Oorspronkelijk liepen de ankerbalkgebinten door tot in de 'heerd'. De heerd is de centrale ruimte in het woongedeelte. Van hieruit waren alle andere vertrekken bereikbaar. Zeer dominerend in de heerd is de stookplaats met grote schouw, die tegen de scheidingsmuur met de deel is gelegen.

Het dak van de middenbeuk van de boerderij is gedekt met riet, terwijl op de zijbeuken rode, oud Hollandse pannen liggen. De buitengevels zijn van baksteen in kruisverband, deels hersteld of vernieuwd. De voorgevel bezit behalve de ingang met bovenlicht, vensters met 6-ruits schuiframen en luiken. In de zijgevels bevinden zich merendeels vernieuwde of later aangebrachte vensters. Begin jaren negentig van de vorige eeuw is de boerderij omgebouwd tot woonboerderij, maar wel met behoud van veel van haar oorspronkelijke karakter.

Legende
In de nok van de boerderij (zie de foto van de achtergevel) bevindt zich een houten driehoek, het uilenbord. Aan dergelijke driehoeken is een legende verbonden. Een boer had een oude vervallen boerderij en geen geld om een nieuwe te bouwen. De duivel beloofde hem dat hij in één nacht, voordat de haan kraaide, een nieuwe boerderij zou bouwen als hij zijn ziel aan hem verkocht. De boer stemde noodgedwongen hiermee in.
De boerin hoorde dit en nam hiermee geen genoegen en verzon een list. Zij ging naar het kippenhok, maakte er licht zodat de haan dacht dat het licht was en kraaide.
Hiermee was de duivel verslagen, want er was afgesproken dat de koop niet doorging als hij de boerderij niet voor het kraaien van de haan af had. Het kleine stukje in de nok ontbrak alleen nog maar. De ziel was gered en de boer had een nieuwe boerderij. Het stukje in de nok werd vlug dichtgemaakt met een stuk hout. Sindsdien hebben veel boerderijen dit 'noodstukje' in de nok van het dak, zo luidt althans het verhaal.

Achterhuis met deeldeuren van de boerderij aan De Dalenk. Foto's: Bureau Monumenten.
Met dank aan Apeldoorn.org (weblog voor en door Apeldoorners, de site bestaat niet meer).


2. Hallenhuis in Slijk-Ewijk

"Mam, de kerkuiljonkies maken zo’n lawaai" 

Tja, wat een verschil. Willen kinderen in de stad nog wel eens klagen over lawaaierige buurmannen of ronkende auto’s, bij ons in Loenen is dat wel anders. En zeg nou zelf, is het niet fantastisch om ’s avonds tegen een uur of half elf, drie pluizige kerkuiljongen in de oude moerbei te keer te horen gaan? Het is een luxe en een voorrecht waarvan wij, Pien, Jeroen, Floris, Wouter en Pieter ons nog steeds terdege bewust van zijn. Het leven op het platteland in een oude boerderij was altijd onze droomwens en is wonderbaarlijk in vervulling gegaan.

In 1998 werden we getipt dat er in Loenen, Slijk-Ewijk een boerderij te koop stond. Meteen gaan kijken en binnen een uur de rentmeester, die de verkoop regelde, gebeld. Toen we de volgende dag, op een miezerige vrijdagmorgen in november, voor het pand stonden wisten we nog niet wat ons te wachten stond. Van buiten was de de boerderij al perfect gerestaureerd door de verkoper, Wim Broekhuijse. Deze had het plan er zelf te gaan wonen, maar door familieomstandigheden moest hij hier van afzien. Rentmeester Frans van Lynden opende de voordeur en toen we binnenkwamen waren we verkocht. Dat mag vreemd genoemd worden want er was 'niets'. En dit 'niets' was van een schoonheid die niet in woorden valt te weerleggen, maar ik zal toch een poging doen.

Ons boerderijtype is een groot 'hallenhuis' van 18 meter lang en 12 meter breed met een totale nokhoogte van 10 meter. Het voorhuis (Wat vreemd genoeg aan de achterkant van de straat ligt) is bijna geheel origineel: Centrale voordeur gaat naar betegelde gang met rechts de woonkamer en links de opkamer met de bedsteden. Daarachter zien wij een totaal opengebroken "deel" met prachtige oude eiken gebinten.

Met dank aan Verhoeven Parketvloeren
Jeroen en Pien Verhoeven (Verhoeven Parket b.v.)
Loenensedwarsstraat 1
6677 PM Slijk-Ewijk
0481-425940


3. Hallenhuis met zijbaander

"In de loop van de negentiende eeuw namen in Drenthe de veestapels in omvang toe en werden de hooioogsten groter. Men wilde het hooi toen dichter bij het vee opslaan en koos voor een hooiopslag op het laatste stuk van de deel. Omdat daardoor de deeldeur in de achtergevel werd geblokkeerd, werd die verplaatst naar een zijgevel. Voor deze oplossing werd vooral in het zuidwesten van Drenthe gekozen."


Tekst en foto Landleven.