home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


gordelboog, transversaalboog

 

gordelboog

Ook, soms: transversaalboog. Een gordelboog is een dragende boog tussen twee gewelfvlakken, loodrecht op de muren waartussen het gewelf is gespannen; dit in tegenstelling met "gekruiste" (diagonale) bogen in een kruisgewelf.

In de Romaanse bouw was aan de buitenzijde van het gebouw op de plaats van de gordelboog vaak een steunbeer. In deze periode is vaak sprake van ronde gordelbogen (rondbogen).
In de Gotiek slaagde men erin om de gordelboog meer en meer te laten verdwijnen en het gewelf op te vangen door middel van gewelfribben. De gordelbogen van gebouwen uit de Gotiek zijn daarom smaller, minder "lomp" dan die uit de Romaanse tijd. In deze bouwstijl zijn gordelbogen vaak spitsbogen.

De eerste twee afbeeldingen tonen een rondboog als gordelboog, geheel onder een gordelboog in de vorm van een spitsboog.


ronde gordelbogen bij een tongewelf, romaans (glossary of medieval art and architecture):


ronde gordelboog (kerkgebouwen in limburg):


spitse gordelboog van de h.h. fabianus en sebastianus, horst aan de maas (kerkgebouwen in limburg):


gordelboog in de tekening van groninger kerken is nummer 2:

1 = gewelfveld
2 = gordelboog
3 = muraalboog
4 = sluitsteen
5 = schildmuur


Zie ook bij boog.
Verg. scheiboog.

Eng. transverse arch