home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

advertenties:


gesteentecyclus

 

gesteentecyclus

De gesteentecyclus is de kringloop der gesteenten. Bij gesteenten hebben we een beeld voor ons van een harde steen, natuursteen; in de geologie behoren ook "zachtere" gesteenten als zand, klei en veen tot compactere gesteenten (dus ook de resultaten van verwering en erosie, en de restanten van organische aard).  

In de gesteentecyclus wordt het transformeren van gesteenten verstaan, dat plaatsvindt onder invloed van o.m. verwering, erosie, afzetting, samenbundeling onder druk en hitte, smelten, stollen en afkoelen.

Gesteenten zijn de vaste stoffen van de aardkorst, ze bestaan uit mineralen. Mineralen zijn de kleinste homogene bestanddelen van stenen en hebben een vaste scheikundige formule. Sommige stenen bestaan uit één mineraal (bijvoorbeeld kwarts), andere gesteenten bestaan dan weer uit verschillende mineralen (bijvoorbeeld graniet). Ongeveer 99% van alle gesteenten zijn opgebouwd uit maar acht elementen: O, Si, Al, Fe, Ca, Na, K en Mg. 


gesteentecyclus;
klik voor groter!


Kenmerkend voor mineralen is de regelmatige en symmetrische schikking van de samenstellende bestanddelen in een rooster, ze hebben een kristalijne roosteropbouw waardoor ze hun typische kristalvorm krijgen. Wanneer alleen microscopisch kleine kristallen aanwezig zijn, noemt men ze amorf. 
Kristalroosters verschillen in eigenschappen afhankelijk van de plaatsen die de elementen op het rooster innemen (voorbeelden zijn steenkool, grafiet, diamant).
Mineralen die weinig voorkomen in de natuur zijn edelstenen.
Mineralen die economisch belangrijk zijn als grondstof zijn ertsen.



Zie ook metamorf gesteente (omvormingsgesteente, omzettingsgesteente), stollingsgesteente (dieptegesteente, ganggesteente, uitvloeiingsgesteente), sedimentair gesteente (afzettingsgesteente en neerslaggesteente).