home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


gargouille

 

gargouille

Zie spuwer.

De term gargouille is het Franse woord gargouille (gargouille, waterspuwer; 1313), ouder gargoule (1294), gevormd uit een klanknabootsende wortel garg- (keel, gorgelen), en het Oudfranse goule (muil, bek). Het Nieuwfrans gueule voor muil of bek is afkomstig van het Latijnse gula (keel, strot). Een gargouille is dus letterlijk een (gorgelbek, gorgelmuil). Bron Etymologiebank.