Een
erker is een ronde, vierkante of veelhoekige
geslotenuitbouw
aan een gevel, die uitsteekt of uitkraagt langs één
of meer
bouwlagen; kan gezien worden als een uitgebouwd venster. Een erker kan
dus ook op de verdieping voorkomen, ook als dat de enige bouwlaag is van
de uitbouw.
Ofwel:
een uitbouw van een woning, meestal voorzien van een borstwering en
aan meer zijden voorzien van een raamconstructie.
De term erker is ontleend aan het Duitse Erker
(erker), dat teruggaat op de Picardische vorm arquiere van het Franse archière,
archère (erker, balkon) uit het middeleeuws Latijnse arcuaria (schietgat)
een vrouwelijke vorm bij het bijvoeglijk naamwoord arcuarius, dat weer
een afleiding is bij het Latijnse arcus (boog). Het woord erker stamt uit
de vestingbouw en duidde oorspronkelijk een uitbouw op de muur aan, van waaruit
men aanvallers kon beschieten met pijl en boog. Later werd het algemeen "uitbouw".
Het Duitse woord heeft in de standaardtaal een oudere ontlening aan het Franse
woord, namelijk arkel, erkel, arkener (balkon) verdrongen.
Bron Etymologiebank.
Afbeeldingen
o.m. Bouwplanwinkel.
Zie ook balkon, loggia
en terras.
Verg. bloemkozijn, arkel,
arcade.
Eng. hoekig: bay window; halfrond of rond: bow window, compass window;
glazen erker: sun lounge, sun parlor (Am.); op de verdieping: oriel,
oriel window