home

discl. / , lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


caissonmethode

 

caissonmethode, caisson

1. Ook: afzinken, methode met zinkbakken. De caissonmethode is er oorspronkelijk op gebaseerd een soort "kist" (caisson) te maken die volgestort wordt met zwaar materiaal, zodat een stevige constructie ontstaat als fundering. 

Later is de methode gebruikt om tunneldelen te prefabriceren. Bij deze bouwmethode worden de segmenten (die nu ook caissons heten) bovengronds op hun juiste plaats gebracht en vervolgens "afgezonken" door de onderliggende grond weg te zuigen, totdat ze op de juiste diepte op de vaste zandlaag rusten. Ook voor dijkverzwaring worden caissons gebruikt. Soms worden de caissons op locatie of in de buurt van de plaats van de toekomstige tunnel gefabriceerd omdat de grote tunneldelen moeilijk zijn te transporteren.

Tekst van het Centrum voor Ondergronds Bouwen COB (het "Nederlands kenniscentrum voor ondergronds bouwen en ondergronds ruimtegebruik") over het afzinken van caissons: 
"De afzinkmethode is geschikt voor het ondertunnelen van rivieren en kanalen. Zinktunnels bestaan uit tunnelelementen die in een droogdok worden gebouwd en aan beide kopeinden worden afgesloten. Na de bouw van de tunnelelementen wordt het droogdok onder water gezet en de elementen worden vervolgens drijvend naar hun uiteindelijke bestemming getransporteerd.
Op de plaats waar de tunnel gebouwd gaat worden is speciaal een sleuf op de bodem uitgebaggerd. Hierin worden de elementen door het aanbrengen van ballast naar de bodem afgezonken en onderling verbonden. De tunnelelementen worden vastgezet in de sleuf en waterdicht verbonden. Onder de elementen wordt een zandlaag gespoten als fundering. Ten slotte worden de kopeinden verwijderd."


romeinse caissonbouw (bernd-nedebl bruecken):


caissonmethode, sluitgat westerscheldetunnel, 1997 (deltares /geodelft):


Meer voorbeelden van caissons, waaronder van het afzinken van een caisson bij de Westerschelde.

"Het Watersnoodmuseum is gevestigd in vier Phoenix-caissons van elk 60x19x17 m waarmee op 6 november 1953 het laatste gat in de dijken is gedicht na de rampnacht van 31 januari op 1 februari 1953." (Technisch Weekblad)

De term caisson is via het Franse caisson (kist), met invloed van het Franse caisse (koffer, kist) overgenomen uit het Italiaans cassone (grote bergplaats), een vergrotingsvorm van het Italiaans cassa (bergplaats), uit het afgeleid van het Latijnse cassa, van capsa (doos), misschien een afleiding van het Latijnse werkwoord capere (nemen). Bron Etymologiebank.

Verg. wanden-dak-methode, duiker.

Eng. caissonfundering is caisson foundation


2. Een caisson is een cassette: een verdiept, meestal rechthoekig vlak, dat vooral in een plafond of gewelf wordt toegepast.