home

discl. / ©, lid NVJ

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z


bindmiddelfactor, k-waarde

 

bindmiddelfactor, k-waarde, k-factor

De bindmiddelfactor (k-waarde of k-factor) geeft aan welk deel van de vulstof, in combinatie met cement, als bindmiddel mag worden gezien. De vulstof zelf is geen bindmiddel, maar een bepaald deel van de vulstof mag toegerekend worden als bindmiddel.
De k-waarde van poederkoolvliegas kan bijvoorbeeld 0,2 zijn, d.w.z. 1/5 van het cement is vervangen door vliegas.
Een andere regelmatig toegepaste vulstof is silica fume. "De maximale hoeveelheid silica fume die in rekening mag worden gebracht voor de watercementfactor en het minimum cementgehalte moet voldoen aan de eis: silica fume / cement <= 0,11. Er  mag meer worden toegepast, maar de meerdere hoeveelheid mag niet in de k-waarde worden meegenomen (dat deel mag dus niet als bindmiddel fungeren).

 

 

k-factor vliegas 1)

 

cement

k-factor vliegas

CEM I 32,5 N en 32,5 R

0,2

CEM I 42,5 R en hogere cementklassen

0,4

CEM III/A en III/B voor alle cementklassen

0,2

 

 

k-factor silica fume 2)

 

watercementfactor

k-factor silica fume

<= 0,45

2,0

> 0,45 milieuklassen anders dan XC en XF

2,0

> 0,45 milieuklassen XC en XF

1,0


1) Bij poederkoolvliegas mag niet meer dan 1/3 van de massahoeveelheid cement in de berekening van de waterbindmiddelfactor worden meegerekend.
2) Bij silica fume mag niet meer dan 0,11 van de massahoeveelheid cement in de berekening van de waterbindmiddelfactor worden meegerekend.


De hoeveelheid (cement én k-waarde, van bijvoorbeeld poederkoolvliegas) mag nooit kleiner zijn dan het minimum-cementgehalte dat voor de van toepassing zijnde milieuklasse is vereist.

Door toepassen van een vulstof met een bindend karakter, wordt het gehalte aan bindend materiaal in betonspecie verhoogd en daarmee het effectief gehalte aan water verkleind. Hiermee moet dus bij het berekenen van de watercementfactor (waterbindmiddelfactor) rekening worden gehouden (meer water toevoegen).

Een en ander is te vinden in NEN-EN 206-1 (voor type II puzzolane vulstoffen is dit uitgewerkt voor poederkoolvliegas en silica fume; voor andere type II vulstoffen dient een vergelijkend onderzoek de bindmiddelfunctie aan te tonen).

Met dank aan Cement&BetonCentrum en de Betonpocket 2010 (ENCI Heidelberg Cement).