Ook:
basilica. Een
kerkgebouw met een hoog, van ramen voorzien middenschip en lage
zijbeuken. Meestal zijn er drie of vijf schepen
naast elkaar, gescheiden door zuilen.
Een basiliek zonder vensters in de hoofdbeuk heet een pseudo-basiliek.
De basiliek ontstond uit de basilica: nadat de
Romeinen zich tot het Christendom bekeerd hadden en de basilica zijn
functie had verloren werd deze gebruikt voor kerk. Later gebouwde
kerken kregen soms de indeling van de basilica's en werden
basiliek genoemd.
De term basiliek is afkomstig van het Griekse basilikè
stoa ((koninklijke) zuilengalerij, in Athene); bron Etymologiebank.
Verg. gotiek.
Eng. basilica