varken

1. Ook: schiftlaag. Een "varken" of schiftlaag is in zijn algemeenheid een laag metselwerk van verlopende dikte om een fout of verzakking te corrigeren, d.w.z. het geheel waterpas te krijgen. Zo verloopt bv. het metselwerk van 2 of 3 lagen naar 1 laag om het weer wat waterpas te krijgen. Ook bij bijvoorbeeld bestratingen komen varkens voor.


Afbeeldingen Jean Penders Utrechts Documentatiesysteem en uit het boek Waterbouwkunde van Bolderman en Dwars (Uitgeverij L.J. Veen, 1968, met dank aan Rob van der Hel). 



2. Een varken is een steen die pasgemaakt is om het geheel weer waterpas of recht te krijgen. 



Afbeelding DeSnor.
Verg. geschifte steen, klisklezoor, lepe steen.


3. Een varken is een schaaf om groeven te maken. Eerst wordt de groef met een veerploeg met breedte en diepte-instelling voorgeschaafd waarna deze met het varken (alleen diepte-instelling) verder wordt uitgeschaafd.