spouw

De spouw is de ruimte tussen de binnen- en buitenmuur (binnenspouwblad en buitenspouwblad) van een gebouw, dus de luchtruimte plus eventueel isolatiemateriaal. 
De binnen- en buitenbladen worden spouwbladen genoemd.
Bij dubbelglas is de spouw de ruimte tussen de glasruiten. Bij het dak is de spouw de luchtruimte tussen de dakbedekking (bv. dakpannen) en het isolatiemateriaal in het dak, de zgn. dakspouw.  

Doel van de spouw
- De spouw vormt een barrière voor de warmte van binnen en de koude van buiten (soms andersom juist). Een spouwmuur isoleert beter dan een massieve muur. Een massieve muur is te beschouwen als één grote koudebrug.  
Dit doel geldt ook voor de isolerende werking van dubbelglas en de dakspouw.
- De spouw vormt een barrière voor vocht van buiten. De regen wordt door de spouw tegengehouden en vocht dringt niet in grote hoeveelheden de woning binnen.
- De geventileerde spouw voert vochtige lucht uit de spouw naar buiten. Vooral de dakspouw vormt zo ook een medium om eventueel vocht van binnen (condensatie, vooral bij een koud dak) te verwijderen.
- De spouw biedt plaats aan extra isolerende materialen aan het binnenspouwblad (glaswol, steenwol, PUR, PIR, polystyreen, cellulair glas e.d.)

Zie tekening bij spouwmuur.

Eng. cavity, air space of a cavity wall (luchtspouw is air space)