| |
De heipaal wordt zeer diep in de vaste zandlaag ingedreven, zodat de
wrijving langs de paalschacht voor een relatief groot deel van de
draagkracht zorgt.
Bij heipalen is kleef dus de weerstand die een ingeheide paal aan een volgens de
paalas gerichte belasting kan bieden als gevolg van de wrijving en de
eventuele adhesie langs de omtrek van de paalschacht (tussen paal en
grond).
Bij omlaag gerichte belasting vormen de belasting en de
puntweerstand van de paal tezamen het draagvermogen. Een heipaal die zijn draagvermogen geheel
ontleent aan de (positieve) kleef heet kleefpaal (zie ook bij paalfundering).
kleefpaal (positieve kleef) en stuitpaal (bron jellema bouwtechniek onderbouw) ![]() |
Onder bepaalde omstandigheden kan zich bij op stuit geheide palen
negatieve kleef ontwikkelen, doordat nazakkende (inklinkende) grond als het ware aan
de paal gaat hangen. Dit doet zich voor bij veen- en kleilagen, vooral
na opbrengen van een fors zandpakket.
![]() |
Kleefgetal en conusweerstand voor diverse grondsoorten (bron Terreinonderzoek)
grondsoort |
wrijving | qc |
| zand, matig - grof | 0,4% | |
| zand, fijn-matig | 0,6% | 5 - 30 kPa |
| zand, fijn | 0,8% | |
| zand, siltig | 1,1% | |
| zand, kleiig | 1,4% | 5 - 10 kPa |
| zandige klei of leem | 1,8% | |
| silt | 2,2% | |
| klei, siltig | 2,5% | |
| klei | 3,3% | 0,5-2 kPa |
| klei, humeus | 5,0% | |
| veen | 8,1% | 0-1 kPa |
Verg. overspannen water,
positieve
kleef, trekpaal (ander
soort paal).
Eng. friction (kleefpaal is friction pile)